Blind spot

blind spotMijn eerste volle week zit er bijna op, en merk dat ik langzaam op dat de Rust, Reinheid en Regelmaat die hier gehanteerd wordt mij goed doet. Thuis probeerde ik ook wel deze 3 R’en in te bouwen, maar had niet de zelfdiscipline om dat vast te houden. Hier heb ik gelukkig de ondersteuning van de sociotherapeuten om mij daaraan te helpen herinneren. De verschillende therapieën heb ik nu aan de lijve ondervonden, waardoor ik een beeld heb gekregen van wat mij de komende weken nog te wachten staat.

Langzaam komt ook het besef dat ik hier waarschijnlijk niet met de 4 weken Observatie & Diagnostiek klaar ben, en vind het confronterend om te merken dat mijn lichaam nog steeds heel heftig reageert op ogenschijnlijk ‘simpele’ gespreksonderwerpen en oefeningen. Een simpel voorbeeld is dat mijn benen ‘uitvielen’ tijdens het invullen van diverse vragenlijsten in verband met het psychologisch onderzoek. Na afloop had ik geen kracht meer in mijn benen en kon dus niet opstaan. Gelukkig kon ik nog wel aangeven wat ik nodig had, waardoor ik wederom weer (met een schuldgevoel) met de rolstoel naar mijn kamer gereden.

Ook zijn er inmiddels 2 groepsgenoten die een Prikkelarm Programma (PAP) hebben, wat betekend dat alle overtollige prikkels zoveel mogelijk weggenomen worden. Bij de therapieën zit ik dus alleen met de 2 overgebleven mannelijke groepsgenoten. Ik voel mij hierdoor heel erg onveilig, waardoor ik vaak de steun zoek bij de (socio)therapeuten. Ook heb ik gemerkt dat ik mij vaker dan anders afzonder of afsluit door op mijn kamer te gaan zitten of muziek te luisteren op mijn Ipod. Ergens is er ook wel een verlangen om dat niet meer te hoeven doen, maar heb ook gemerkt dat mannen in het algemeen mijn vertrouwen moeten winnen. En daar is tijd voor nodig.

Gelukkig kwamen er deze week geen nieuwe opnames, waardoor de groepssamenstelling hetzelfde bleef, waardoor ik mijzelf ook de tijd kan gunnen om te wennen aan de huidige groepsdynamiek. Hierdoor is ook het wantrouwen wat minder geworden naar de groep en de (socio)therapeuten, waardoor ik langzaam wat meer durf te delen.

Verstandelijk kan ik veel patronen wel benaderen. Hoewel er een wereld van verschil zit tussen het denken en het doen. En als ik het dan doe, dan mis ik de zelfdiscipline weer. Omdat er opgemerkt wordt dat ik deze inzichten wel heb, en mij daardoor prijzen omdat ik grote stappen maak, heb ik de (socio)therpeuten wel gewezen op het feit dat dit heel wisselend is. De ene dag kan ik wel goed mijn grenzen aangeven, terwijl ik de volgende dag ze niet opmerk of negeer, waardoor de klap alsnog komt. Door eerdere lichaamsgerichte therapieën heb ik ook gemerkt dat het druppelsgewijs reguleren en kleine stapjes voor mij juist effectiever zijn dan de grote stappen.

Dat ik dat nog niet helemaal door heb, bleek vanmiddag bij Psycho Motorische Therapie (PMT); ik voelde mij gefrustreerd, onmachtig en boos en wilde hier graag vanaf. Nadat we een oefening hadden gedaan om je veilige plek te creëren, waarbij ik voor mijzelf een soort van bunker had gebouwd waarin mij helemaal kan verschuilen, mochten we de laatste 5 minuten een eigen gekozen oefening doen. De vorige keer had ik bij binnenkomst al een boksbal zien hangen, en had nu enorm de behoefte om mijn frustratie, woede en boosheid op af te reageren, dus ging ik boksen. Ik was mij op dat moment niet meer bewust van mijn lichaam en mij werd met regelmaat gevraagd of ik mijn lichaam nog wel voelde. Dat was en is een ‘blind spot’ voor mij.

Dat is ook te merken in het feit ik soms nog te vaak onbewust de positie van begeleider op mij neem, waardoor ik anderen graag wil voor anderen wil zorgen, zodat ik niet geconfronteerd word met mijn eigen onbewuste gedrag. Ik weet wel dat dit een aangeleerd gedrag is en een patroon wat ik al jaren doe, dus dan is het niet zo makkelijk afgeleerd.

Deze eerste volle week is behoorlijk prikkelrijk geweest voor mij, en omdat ik ook nog veel last heb van mijn rugklachten, heb ik besloten om dit weekend voor mijzelf een cadeautje te geven en heb een massage voor mijzelf geregeld bij een goede vriendin!

De pure jij

Zonder masker, de pure jij
Weet je dat het zo niet langer kan
Maar bouwt steeds meer spierspanning op
Uit bescherming, en dan….

Sta je ontwapenend voor me
Zonder masker, de pure jij
Je weet dat je veilig bent
En jezelf mag zijn, bij mij

Ik zie je staan
In je krachtige kwetsbaarheid
Zonder masker, de pure jij
Lieve schat, geloof me, het is tijd!

Je hoeft niet meer te vechten
Je bent er bijna, zo dichtbij
Rust maar uit en ontspan
Zonder masker, de pure jij!

© Annelies – 2012

De kunst van nietsdoen

Inmiddels Niets doenheb ik mijn eerste weekendverlof gehad. Vol goede moed begon ik afgelopen vrijdagmiddag aan reis naar huis. Hoewel ik de term van ‘huis’ op dit moment niet echt kan definiëren. Op drie verschillende plekken heb ik een tandenborstel staan en liggen kleren van mij. Omdat autonomie voor mij een belangrijk plek in mijn leven in neemt, wilde ik wel heel graag op eigen gelegenheid met het openbaar vervoer naar ‘huis’. Dat dit een behoorlijke opgave bleek te zijn, merkte ik pas achteraf. Ik heb anderhalf uur over de reis gedaan, waarbij ik een aantal niet ingecalculeerde hobbels heb moeten nemen; Een bus die maar 1x per uur rijdt, waardoor ik 10 minuten naar het station moest lopen, een OV-chipkaart waarmee ik in eerste instantie niet kan inchecken, en de metro die niet verder reed, waardoor ik mijn schema weer moest omgooien.
Opgeteld met de irrationele gedachten die ik heb dat dat iedereen aan mij kan zien dat ik ‘opgenomen’ ben, kwam ik erg vermoeid aan op mijn bestemming en heb de middag nodig gehad om bij te slapen.

De volgende dag heb ik nog wat spulletjes gekocht om mijn verblijf op het Colk wat aangenamer te maken, waaronder een heerlijke reep Tony Chocolony’s chocolade! Je mag jezelf toch wel een beetje kietelen, nietwaar? In de middag heb ik wederom veel geslapen, mede omdat de pijn in mijn rug ook weer opspeelde. Uit het verleden weet ik dat mijn rug een zwakke plek is, en dat hij kan reageren op spanningsklachten.

De nacht van zaterdag op zondag heb ik in mijn eigen bed geslapen en heb zondag getracht gebruik te maken van het extra uurtje slaap vanwege de klok die op wintertijd werd gezet. Helaas stond mijn biologische klok nog niet gelijk. Later op de ochtend heb ik alsnog dat uurtje ingehaald. Door de pijn in mijn rug had ik spier-ontspanners ingenomen. Helaas hadden deze spierontspanners niet het effect dat ze fysiek ontspande, maar wel mentaal. Dat was op zich ook wel heel erg prettig, omdat het de laatste dagen vrij druk was in mijn hoofd.

Ik had in de middag een Talking Circle van Stichting Speak Now staan: een lotgenotenbijeenkomst voor mensen met een seksueel misbruikverleden. Ik ben daar al vaker naartoe geweest, en was blij dat het dit keer in Rotterdam was in plaats van Haarlem. Ook vond ik het prettig dat ik de mensen kenden die de Circle leidden. En dat zij mij kenden; ook met mijn aanvallen!

Er werd gesproken over grenzen, verwarring, nachtmerries en dromen. Thema’s die momenteel erg actueel zijn en welke ook terugkomen tijdens de gesprekken in het Colk. Hoewel ik merk dat ik nog heel erg terughoudend ben om over deze onderwerpen te praten en te delen wat er in mij leeft. Doordat ik het niet naar buiten breng, keert het zich tegen mij en ben ik eigenlijk dus bezig met zelfdestructief gedrag.

De ‘Colkse’ visie die ze hier hanteren, zeker in de O&D groep is vertraging. Toen ik vorige week een blik op het rooster wierp, was meteen mijn gedachte: “Wat moet ik in de tussentijd dan doen?”, omdat er na elk onderdeel vaak een pauzemoment is ingelast. Inmiddels ben ik daar achter langzaam achter aan het komen. Door de groepsgesprekken word ik uitgenodigd om meer over mijzelf te vertellen, dan dat ik daadwerkelijk laat zien. Ik ben ook heel goed geworden om dat te verhullen, hoewel mijn lichaam zich nu wel van zich laat horen; door letterlijk uit te vallen. Gelukkig hanteren ze hier ook diverse zelfobservatie-momenten zoals de dagopening en dagsluiting, wordt er letterlijk stilgestaan bij hoe ik mij nu voel…en ik voel mij erg moe.

Ik vind het heel lastig om te accepteren dat ik mij zo enorm moe voel, zeg maar uitgeput. Hoewel ik het verstandelijk wel kan beredeneren, heb ik er moeite mee om het er te laten zijn. Naast het feit dat ik een absolute hekel heb aan het woord ‘acceptatie’ Het frustreert mij enorm dat mijn lichaam niet doet wat ik wil. Mijn les hierin is blijkbaar om mij over te geven aan dat wat is. En als dat is dat ik mij moe voel en daardoor ‘niets’ kan doen, is voor mij hard werken.

Aarzelend begin

Inmiddels ben ik ruim 24 uur ‘cliënt’, en het naambordje confronteert mij met het feit dat ik ‘in therapie’ ben. Ik merk dat ik nog een beetje zoekende ben om mijzelf in de groep te positioneren, waardoor ik een afwachtende houding aanneem. Ik ben erg op mijn hoede wat ik vertel; uit angst dat, wat ik vertel tegen mij gebruikt kan worden. Tegelijkertijd weet ik dat deze gedachte gebaseerd is op een oud patroon. Ik zit niet voor niets in de Observatie & Diagnostiekgroep.

De afgelopen jaren heb ik tevergeefs geprobeerd om ‘hoofd boven water te houden’ door trainingen en cursussen te volgen op het gebied van persoonlijke ontwikkeling. Ik herken een hoop interventies die binnen de therapieën die hier gegeven worden; ook al hebben ze een andere naam; bv Psycho Motorische Therapie (PMT) en Groeps Psycho Therapie (GPT)  Doordat ik op het gebied van lichaamswerk al wel wat gewend ben, is dat mij gelukkig niet geheel vreemd. Ik voel al redelijk veel in mijn lijf, hoewel ik ook veel van anderen voel. En dan is het lastig om te kunnen onderscheiden wat van mij is.

Ook de groepsdynamiek is mij niet geheel vreemd, hoewel ik het wel intensief vind om 24 uur per dag ‘lief en leed’ te delen met anderen. Soms heb ik de behoefte om mij terug te trekken of om even naar buiten te gaan, omdat anders de kans bestaat dat ik ga hospitaliseren.

Dat ik hier niet voor niets zit, heb ik de eerste dag al gemerkt. Door alle indrukken was de spanning inmiddels al zo ver opgelopen dat ik al de voorgaande signalen genegeerd heb, waardoor ik dissocieerde en in een aanval schoot. In het voorstelrondje heb ik aan mijn mede-groepsgenoten aangegeven dat ik last heb van PPEA’s, zodat zij niet zouden schrikken. Nadat mijn lichaam uitgeschud was, heb ik (volgens het hier geldende protocol), eerst 45 minuten rust gehouden voordat ik mijn uitgestelde avondmaaltijd heb genuttigd.

Wat ik lastig vind, is dat mijn aanvallen nu ineens hoofdzaak zijn, in plaats van bijzaak. Dit kreeg ik vanmiddag ook letterlijk op een briefje gepresenteerd bij mijn behandelplangesprek. Tijdens dat gesprek heb ik ook aangegeven dat ik mij vaak groter voordoe dan dat ik ben. Mijn blog heet ook niet voor niets ‘What you see is not always what you get’. Ik hoop dan ook dat de sociotherapeuten daar doorheen durven prikken, zodat ik een ingang krijg om de duivelse demonen die in mijn hoofd rondspoken aan te kunnen kijken. Hoewel dat laatste voor nu waarschijnlijk een veel te groot doel is.

Wat ik hier ook leer, is om wat vaker bij mijzelf stil te staan en af te vragen wat ik voel in mijn lichaam en te durven uitspreken wat er in mijn hoofd afspeelt. Uit eerdere ervaringen heb ik wel geleerd dat dat mij meer rust geeft, zodat ik niet meer hoef weg te lopen voor mijn eigen emoties en gevoelens…

Het klinkt misschien raar, maar ik ben blij dat ik hier nog 4 weken zit om samen met de sociotherapeuten en behandelaars te onderzoeken wat mij kan helpen om mijn signalen te leren herkennen en daar actie op te ondernemen, zodat ik de triggers kan ondervangen, welke de verwerking van mijn trauma’s in de weg staan.

Met het delen van dit blog heb ik al een aarzelend begin gemaakt…Nu nog durven uitspreken.

Angst voor het onbekende

fearLangzaam ben ik mijn tas aan het pakken voor de opname in het Colk morgen. Vroeger stond deze al een paar weken naast mijn bed, en nam ik altijd veel te veel mee. Nu probeer ik het tot het laatste moment uit te stellen. Het feit dat ik nog maar 1 nacht thuis slaap en morgennacht in een vreemd bed, op een vreemde locatie, met vreemde mensen beangstigd mij soms. Oh, nee…dat laatste is niet helemaal waar: we hebben allemaal een conversiestoornis. Misschien schept dat dan wel weer een band. 🙂

Gisteren had ik nog even mijn psychiater aan de telefoon, die aan mij vroeg waar ik nu zo bang voor ben. “Angst voor het onbekende”, antwoordde ik. Als ik langer over deze vraag nadenk, merk ik dat het wellicht niet zozeer angst voor het onbekende is. In het verleden heb ik regelmatig meerdaagse trainingen en cursussen gevolgd, waarvan ik niet wist wat mij precies te wachten stond. Ik merk dat er veel mensen die heel dicht bij mij staan, heel graag willen dat ik van mijn aanvallen afkom. Zelf wil ik dat ook heel graag, omdat het mij belemmert in mijn functioneren. Hoewel het paradoxale is, dat ik door de spanningsaanvallen wel in één klap van mijn spanning af ben. Helaas wel met alle gevolgen van dien….

Ik vergelijk dit bovenstaande met iemand die ‘anorexia nervosa’ heeft. Daartegen kun je ook niet zeggen dat die persoon ‘gewoon’ moet gaan eten. Het daadwerkelijke probleem zit veel dieper. Vaak op het gebied van zelfvertrouwen. In mijn geval is het ook niet zo ‘simpel’ om ervoor te zorgen dat ik geen aanvallen krijg. Bovendien werkt het bij mij als een boomerang-effect. Als ik de aanval uitstel door mij groter voor te doen, dan dat ik ben (en dat kan ik heel goed!), krijg ik later op de dag alsnog de deksel op mijn neus….

Ik probeer mij de laatste dagen rustig te houden door het ‘kleuren op nummer’. Kleurboeken voor volwassenen, worden ze genoemd. In eerste instantie zie je niet wat het moet gaan worden, en op het moment dat je geconcentreerd bezig ben op een klein detail, zie je het ook nog niet. Pas op het moment dat je er weer afstand van neemt, komt de afbeelding naar voren. Ik vind dit een mooie vergelijking met het proces van mijzelf: op het moment dat ik ergens op gefocust ben, overzie ik het geheel niet meer. Op het moment dat ik er getuige van ben, kan ik zien wat er zich afspeelt. Voor mij wordt het wellicht tijd om eens met wat afstand naar mijzelf te leren kijken. Als getuige…net als in een meditatie.

Af en toe voel ik de angst in mijn lichaam, mijn darmen laten van zich horen, mijn maag krimpt ineen, mijn schouders voelen gespannen en ik voel een brok in mijn keel. Het positieve is dat ik in ieder geval iets voel….maar het liefst wil ik vluchten voor deze gevoelens…..Dat laatste is mijn overlevingsmechanisme geworden. Het wordt tijd dat ik deze gevoelens onder ogen ga zien. En voelen…

Opzij, opzij, opzij…

Ik kan het liedje wat in mijn hoofd ‘Opzij, opzij, opzij’ van Herman van Veen niet uit mijn hoofd zetten. Het lijkt wel alsof ik zo’n hamster ben wat in een tredmolen zit en maar niet vooruit kom….Ik wil mij aan alles vastklampen, uit angst om los te laten. Dingen loslaten heb ik het laatste jaar veel moeten doen; mijn werk als verzorgende, één van mijn katten (gelukkig is zij bij een goed baasje terechtgekomen, waar zij op haar gemak van de oude dag mag genieten), de meditaties die ik geef, en langzaam brokkelt ook mijn gezondheid af. Alleen maar omdat ik ‘een ongelooflijke haast’ heb, zoals Herman van Veen zingt?

Langzaam komt het besef dat ik niet meer op deze manier vooruit kom (hoe paradoxaal!) Om mij voor te bereiden op mijn komende opname bij het Colk ben ik gisteravond naar de lezing geweest van Deborah de Poorter over haar boek ‘Het valt wel, maar niet mee’, waarin zij vertelde over haar weg naar herstel. Ik ken haar via social media, en het was heel fijn om haar eens in ‘levende lijve’ te zien en te horen. Omdat ik door mijn aanvallen mijzelf niet meer veilig genoeg voel, om auto te rijden, ben ik met het openbaar vervoer gegaan. De reis naar Breda ging goed. Ik had mijn mp3-speler meegenomen, zodat ik voor mijn gevoel afgeschermd was van de vele prikkels die de treinreis met zich meebracht.

Op het station van Breda kon ik in eerste instantie het busstation niet vinden, en ik de aansluiting mistte. Gelukkig bleken er meer bussen te zijn die naar mijn plaats van bestemming gingen, waardoor de inmiddels opgelopen spanning weer verminderde. Aangekomen op de plaats van bestemming voelde het alsof ik Deborah al jaren kende. Waarschijnlijk door dezelfde achtergond die wij hadden, welke zij ook in het boek beschrijft. Haar verhaal was voor mij zo ‘pijnlijk’ herkenbaar, waardoor de spanning zich onbewust ophoopte, uittend in ….tja, je raad het wellicht al: een conversie-aanval.

Achteraf herken ik vaak de signalen welke er aan vooraf zijn gegaan, maar op dat moment zit ik nog in de onbewust – onbekwaam-fase. Gelukkig was ik in het bijzijn van mensen welke conversie-klachten niet vreemd zijn, hoewel ik het wel heel vervelend vond dat alle aandacht weer op mij gefocust werd. Daarbij komt ook een stuk schaamte en schuldgevoel om de hoek kijken, omdat het mij weer overkomt…

Nadat ik op de grond gelegd werd, kon de spanning zich uit mijn lichaam vloeien en kon ik op eigen kracht weer in het hier-en-nu komen. Welliswaar wel met de (inmiddels) bekende hoofdpijn, vermoeidheid en spierpijn. Maar ik was er weer.

Door de reacties die ik de afgelopen jaren te horen heb gekregen, dat ik mij zou aanstellen, of het expres zou ‘faken’, is mijn zelfvertrouwen ook behoorlijk gedaald. Ook omdat ik tijdens een aanval alle dingen om mij heen niet erg bewust mee krijg, en eigenlijk zelf ook niet kon en kan bevatten dat mijn lichaam tot zulke extreme lichamelijke inspanning in staat is, maakte ik mij niet echt druk. Totdat mijn vriendin eens een aanval van mij op video opgenomen had. Dat was wel even schrikken, omdat ik mijzelf zo absoluut niet herkende. Ik kan mij nu ook beter indenken dat het zien van iemand in een aanval best heftig kan zijn.

Ik twijfel er niet aan dat het een lange weg zal zijn om mijn zelfvertrouwen weer terug te krijgen, en mij weerbaarder te kunnen voor negatieve stress. Het wordt tijd dat ik Herman van Veens nummer ‘opzij’ plaats maakt om even op adem te komen met het nummer’ Breathe’ van Midge Ure.

Midge Ure - Breath

Breathe – Midge Ure

Meditatie als medicatie

Afgelopen zeigenschappen van meditatieondag heb ik weer een meditatie begeleid, zoals ik regelmatig doe op de zondagavonden. Zo’n 8 jaar geleden ben ik in contact gekomen met actieve vormen van meditatie. Zoals je bij yoga verschillende vormen hebt, heb je dat ook met meditatie. En omdat ik niet het type ben van stilzitten, zijn de actieve meditaties een uitkomst. Zowel het begeleiden van een meditatie als het doen van een meditatie geeft mij rust.

Hoewel ik normaal gesproken het erg leuk vind om de meditaties voor te bereiden en te geven, merkte ik dat mijn zelfverzekerdheid een beetje verdwenen was. Waarschijnlijk heeft de onbewuste roofbouw van de convulsies ook een deuk in mijn zelfvertrouwen geslagen.

Vandaag heb ik het definitieve groene licht gekregen dat ik volgende week woensdag opgenomen zal gaan worden in het COLK. Praktisch betekent dit dat ik 5 dagen per week (van zondagavond tot vrijdagmiddag intern verblijf) Meteen werd het in mijn hoofd onrustig, en het duurde niet lang voordat mijn lijf zich ermee ging bemoeien door lichamelijke klachten te geven. De onrust en gejaagdheid hingen samen met de rampgedachten, hoe ik dat allemaal voor elkaar moest gaan krijgen om toch de meditaties te begeleiden.

Het duurde een tijdje voordat ik mij bewust was van het feit dat mijn super-ego weer behoorlijk aan het roer stond, en mij richting een innerlijke storm dirigeerde. Gelukkig geef ik deze meditaties niet alleen en voelde het heel fijn om te weten dat er een team naast mij staat, welke de meditaties overnemen, zodat ik mij niet schuldig hoef te voelen. Helaas is dat makkelijker gezegd dan gedaan, maar het is een eerste stap in het leren overgeven. Ik heb zo’n vermoeden dat ik dat tijdens mijn opname in het COLK nog vaker moet gaan doen; mijzelf overgeven….

Het overgeven aan het onbekende, is iets wat ik eng vind. Zo kan ik mij ook nog wel mijn allereerste actieve meditatie herinneren. Het was een meditatie waarbij je je lichaam losschud op muziek, om vervolgens te dansen met wat er is. Blijkbaar was ik in al die jaren zo gehecht geraakt aan mijn strakgespannen pantser van mijn lichaam, dat ik het heel eng vond om alles zo maar los te laten. Uit angst dat ik mijzelf verlies. Die angst was dusdanig groot dat ik inderdaad mijzelf ‘verloor’. Althans, ik verloor mijn evenwicht en viel op de grond. De angst was op dat moment nog te groot om te doorvoelen. (Overigens ben ik later wel goed opgevangen, hoor!)

Nu, jaren later, is deze meditatie één van mijn favoriete actieve meditaties, omdat ik op eigen kracht mijn angst heb durven doorvoelen. Stukje bij beetje, stapje voor stapje. Zonder medicatie!

Regisseur van je eigen leven

Om de aaDoor-je-te-ontdoen-van-al-je-moeten-ontmoet-je-jezelfndacht aan iets positiefs te geven ben ik vanochtend toch gaan werken, zodat ik niet constant zou nadenken aan het adviesgesprek wat ik vanmiddag had bij het COLK. Op de momenten dat ik er wel aan dacht, ging er een mengeling van emoties door mij heen, waarbij angst en opwinding elkaar versterkte. Ik voel dat de spierspanningen in mijn lichaam zich hebben vastgezet na de laatste aanval afgelopen maandag. Dat is nog maar 2 dagen geleden… “Logisch”, beredeneert een innerlijke stem in mij om mij te kunnen laten berusten in het feit dat mijn lichaam tijd nodig heeft om te herstellen. Helaas is er in mij ook een andere stem, die kritischer is en mij (iets) te vaak onderuit haalt, die zegt dat het ‘allemaal wel meevalt’ en dat ik ‘mij niet zo moet laten kennen’. Tja, en ik…Ik laveer er ergens tussen in, in de hoop een rechte koers te blijven varen.

Nadat ik in de wachtruimte plaats nam, gingen mijn gedachten er weer met mij aan de haal. Ik voelde alsof ik zat te wachten op de uitslag van een sollicitatiegesprek en een kleine innerlijke paniek brak uit. De ‘wat als…’ en ‘maar….’-theorieën schoten door mijn hoofd heen, en hoe ik ook mijn best deed om mijzelf kalmerend toe te spreken, het lukte moeizaam. Gelukkig werd ik losgerukt van mijn rampgedachten, die zich een steeds groter wordend web aan het spinnen waren, door de therapeut die ons kwam ophalen voor het gesprek. Hoewel ik achter haar aangelopen ben, ben ik, achteraf gezien, toch al weer een stukje kwijt. Ik was er even niet…Iets wat wel vaker voorkomt bij mij, omdat ik de neiging heb te dissociëren als het spannend wordt. Ik gaf aan toen ik ging zitten dat ik nog ‘ergens’ was, maar nog niet hier…Ik vermeed oogcontact en het voelde alsof ik met een dubbele tong aan het praten was. Zonder dat ik had gedronken, helaas. De therapeut vroeg aan mij of ik het spannend vond, maar mijn lichaam had het bevestigde antwoord al gegeven.

Om mij niet langer in spanning te houden, haalde ze zelf de hete aardappel uit het vuur, door aan te geven dat we het in dit gesprek konden hebben over de mogelijke richtingen. Aangezien ik in het vorige gesprek aangegeven had dat ik mijn toekomst erg belangrijk vind, stelden zij een traject voor bij Winnock. Die naam zei mij wel wat, omdat ik zo’n 10 jaar geleden ook een dergelijk traject heb gehad vanwege rugklachten, die later de lichamelijke uitingsvormen van een burnout bleken te zijn. Een diagnose die ik na het traject alsnog van een psycholoog van PsyQ Business kreeg.

Een andere optie was een klinische opname in de Observatie & Diagnostiek groep van 4 weken, waarbij ik in de weekenden thuis ben. Daaraan voegde ze er wel aan toe dat ze vragen zetten bij mijn belastbaarheid op het moment. Gemiddeld heb ik zo’n 2 a 3 aanvallen per week, waarbij mijn lichaam onwillekeurige heftige spastische bewegingen maakt, en ik in een andere staat van bewustzijn verkeer, kort gezegd PPEA’s. Door de blijkbaar onbewust opgebouwde spanning van de afgelopen weken heb ik een toename van klachten en bijna dagelijks wel een aanval, waarbij de vicieuze cirkel zichzelf in stand houd.

Die laatste boodschap denderde nog even na in mijn hoofd, als een heipaal die stuitert om nog wat dieper in de grond te zakken. Mijn belastbaarheid onvoldoende? Terwijl ik altijd doorga en opgeven geen optie is? Misschien is dat wel het probleem. Dat ik nog steeds aan het vechten ben tegen het vechten, waardoor ik zo moe wordt.

Aan de andere kant  legden ze de bal wel weer bij mij neer, omdat het MIJN beslissing is. En dat laatste vind ik eng. Dat ben ik niet gewend. Ik ben gewend dat de therapeut zegt wat ik moet doen, en verwachtte dat waarschijnlijk ook van hen. Natuurlijk is het uiteindelijke doel van de behandeling het weer toe-eigenen van de regie over je eigen leven. En dat ik zelf mijn EIGEN beslissingen mag maken. Dit is er één van, hoewel het wel zal betekenen dat ik bloot zal moeten geven.

Hulp durven aanvaarden is ook een thema in mijn leven wat ik lastig vind. Oké, op het moment dat ik een aanval heb gehad kan ik vaak ook niet anders, en laat de hulp vaak gewillig over mij heen komen. In de afgelopen 10 jaar van alle therapieën / cursussen en opleidingen op het gebied van zelfontplooiing is dit thema meermalen voorbij gekomen. En wellicht is het ook wel inherent aan de zorg. Voor ik ziek werd (ook weer zo’n woord waar ik niet aan kan wennen), werkte ik als verzorgende in de gehandicaptenzorg. Ik was er altijd voor een ander, behalve voor mijzelf. Maar om hulp vragen deed ik niet. Vaak wees ik het ook nog eens af, als het mij werd aangeboden. Dat kan ik toch zelf wel….dacht ik….

Gelukkig hoefde ik tijdens het gesprek niet direct een beslissing te maken, en kon ik er nog een weekendje over nadenken en het bespreken met mijn ouders en vriendin en vriend. Naast mijn innerlijke dialogen die zich constant in mijn hoofd aan het bekvechten zijn. Om de keuze van mijn beslissing te voorzien van een illustratief beeld, kreeg ik een rondleiding over de afdeling.

Ik werd opgevangen door één van de sociotherapeuten, die mij een setje papieren overhandigde met meer informatie over de gang van zaken bij het COLK etc. Omdat ze had gehoord dat ik erg gespannen was tijdens het adviesgesprek, stelde ze mij gerust met een kort praatje in een van de huiskamers. Hierna kreeg ik een rondleiding over het (gelukkig) kleinschalige gebouw. De leefgroepen zijn ook klein (5-9 personen) en is er per direct plaats voor een eventuele opname in de O&D-groep. Voor mij dus.

Sommige therapeuten, die ik in de afgelopen 10 jaar gehad heb, zijn van mening dat ik ook op eigen kracht mijn aanvallen onder controle kan houden. Dat ik hierin een keuze heb. Wellicht heb ik wel een keuze om de aanval op dat moment te couperen, maar helaas hebben de aanvallen een boemerang-effect, waardoor ze altijd weer terugkomen. En door het feit dat ik al 10 jaar deze klachten (in meer of mindere mate) heb, blijkt dat mijn onbewuste telkens weer een nieuwe uitweg te vinden, om de confrontatie niet aan te durven gaan. Dus wordt het tijd om mijzelf eens helemaal stil te leggen, voordat mijn lichaam het doet.

En hoe raar klinkt het om te zeggen dat je een ander nodig hebt, om zelf weer regisseur van je eigen leven te worden. Eigenlijk heeft mijn onbewuste de keuze al gemaakt om mij in mijn naaktheid te laten zien, zodat ik van daaruit zelf kan kiezen welke kleren ik aantrek!

Sporten, maar dan anders…

friend

Ik heb weer eens gesport. Nee, helaas niet in de sportschool, maar gewoon thuis op de bank. Normaal gesproken heb je na het sporten vaak een gelukzalig gevoel van trots. Helaas ben ik na deze tak van sport vaak niet alleen fysiek, maar ook mentaal gesloopt en is mijn eigenwaarde weer een stuk gedaald.

Afgelopen week had ik mij al rustig gehouden vanwege de verhoogde spierspanning in mijn lichaam, dus heb een aantal dagen thuis gewerkt. Daar kwam echter ook nog bij dat ik nog steeds klachten had van mijn enkel, waar ik een week daarvoor doorheen was gegaan. Tja, als je het dan doet, moet je het ook goed doen…Voor de zekerheid heb ik maar weer eens een bezoekje gebracht aan mijn huisarts. En als ik er dan toch zat, kon ik meteen de klachten van mijn nek doorgeven. De huisarts bevestigde mijn vermoedden dat er wellicht een breukje zou kunnen zitten in mijn enkel, en verwees mij door naar het ziekenhuis voor een röntgenfoto. Kon ik meteen mijn nek op de kiek laten zetten. Het is dat ik niet lenig genoeg was, anders had ik mijn been in mijn nek kunnen leggen, zodat ze met 1 foto genoeg hadden.

Gelukkig had ik mijn joggingbroek voor niets meegenomen, want er was geen breukje in mijn enkel te zien. Wat betreft mijn nek, konden ze niet beoordelen of de nekhernia die in 2011 aan het licht kwam bij een MRI er nog zat en de uitstralende klachten veroorzaakte.

Waarschijnlijk hebben deze indrukken en het racen van huisarts naar ziekenhuis naar apotheek etc.
zijn tol geëist, waardoor mijn lichaam zich ’s avonds ontlaadde in bed met schudden en schokken. De dagen daarna bleef ik maar kwakkelen met mijn gezondheid. Slapen gaat moeizaam, en als in de nachten komen de dromen langs, waarvan ik hoopte dat ze weg zouden blijven.

Ergens in mij is er een grote drive om door te gaan, zelfs door een aanval laat ik mij niet tegen houden. Alleen merk ik wel, dat mijn lichaam steeds meer uit de kast gaat halen om mij op de pauze-stand te laten staan, want ik dender nog steeds in fast forward door. Mijn lichaam krijgt de kans haast niet om zich te herstellen tussen de aanvallen door. En ik…….baal ervan dat ergens in mijn mind een patroon automatisch herhaald wordt…..en vecht nog te vaak tegen het gevecht om dat te accepteren. En misschien wordt ik van dat vechten wel zo moe.

Het wordt tijd dat er een scheidsrechter even alles stillegt, voordat mijn lijf voor de zoveelste keer knock-out gaat….