Zelfliefde en stilte

Het is een zaterdagochtend en ik maak mij klaar voor een stiltedag. Een hele dag stil zijn lukt mij wel, denk ik. Ik woon alleen en de enige communicatie die ik heb is met mijn poes die mijn gepraat beantwoord met haar gemiauw. Afgezien dat ik in gedachten talloze, niet hoorbare gesprekken voer met mijzelf, waardoor het soms erg druk is in mijn hoofd. Bij het idee om eens echt stil te zijn, ook in mijn hoofd, voel ik een nieuwsgierige angst op komen. Waarbij de nieuwsgierigheid het wint van de angst.

Ik parkeer mijn auto en loop nog een stukje naar de locatie waar deze stiltedag gehouden wordt. Midden in het centrum van Rotterdam. Tussen 2 drukke verkeerswegen in, waarbij het geluid van het razende verkeer van de nabijgelegen snelweg (als je je ogen sluit) geïnterpreteerd kan worden als een waterval. Langzaam druppelen de overige deelnemers binnen en merk ik op dat iedereen nog in de praat-modus is. De sociale gesprekjes “Waar kom jij vandaan?” helpen om het ijs te breken. Want om meteen in de stilte te gaan, voelt voor mij ook vreemd.

Het is een kleine groep, wat de intimiteit bevorderd maar wat voor mij ook enigszins beklemmend werkt. Mijn neiging is om soms letterlijk en figuurlijk te verdwijnen in de menigte, maar ook in mijn eigen hoofd en uit mijn lichaam. Dit merk ik al op bij de eerste oefening, een ogenschijnlijke simpele bodyscan. Ik kan de woorden volgen, maar merk tegelijkertijd op dat ik minder voel in mijn lichaam. Pas op het moment dat ik een automatische beweging maak, ervaar ik in mijn lichaam een schoksensatie, waardoor ik mij besef dat ik waarschijnlijk even ‘weg’ ben geweest.

Het thema van deze stiltedag is ‘uit het hoofd, in het hart’ Als voorbereiding kreeg ik de uitnodiging om na te denken over een thema uit mijn leven wat mij bezighoud en welke ik kan meenemen in deze dag. In mijn hoofd zitten is iets wat ik goed ken, maar leven vanuit mijn hart is iets wat ik spannend vind. De negatieve overtuigingen die ik gaandeweg ben gaan geloven, weerhouden mij ervan om mijn hartsverlangen te voelen.

Het eerste uur in complete stilte waarbij ik mag nadenken over deze overtuigingen en belemmeringen maken dat ik een hoop beren op de weg zie. Ik voel voornamelijk angst, onzekerheid en frustratie waar ik het liefst uiting aan wil geven. Maar in plaats van mij hieraan toe te geven, probeer ik mijzelf toe te spreken; ‘Ik ben hier op een stiltedag, laat ik gewoon eens ermee gaan zitten en kijken wat deze gevoelens mij brengen.’ Lichamelijk voel ik een drukkend gevoel op mijn borst voel verdriet op komen.

We mogen deze gevoelens op een creatieve manier op papier zetten, waarbij we gebruik mogen maken van tijdschriften, stiften en kleurpotloden. Een mooie gelegenheid om mijn gedachten op een andere manier zichtbaar te maken dan in woorden. Ik heb veel gebruik gemaakt van afbeeldingen, want een beeld zegt soms meer dan woorden.

20171022_113841-1

Gelukkig zijn er wel momenten dat er gedeeld mag worden, wat er in mij leeft waardoor de stilte af en toe onderbroken wordt. Doordat er oordeel-loos geluisterd wordt, valt mij op dat ik mijzelf vaak door mijn eigen (negatieve) gedachtestroom laat meeslepen.

Dan is het tijd voor een overheerlijke vegetarische lunch, welke eveneens in stilte wordt genuttigd. Door steeds meer naar binnen te keren, wat mij toch beangstigd, zoek ik onbewust contact met de ander door bijvoorbeeld oogcontact te maken of te knikken. Hoewel ik hierdoor moeilijker bij mijzelf kan blijven, geeft mij dit toch een veilig(er) gevoel, zodat ik niet hoef te verdwijnen in mijzelf. Daarnaast komt de trainster regelmatig bij mij checken, of ik er nog wel ‘bij’ ben.

Inmiddels ben ik aardig gezakt en is het langzaam stiller geworden in mijn hoofd, hoewel ik de angst nog steeds in mijn lichaam kan voelen. Het is tijd om te gaan voelen in het hart, naar het hartsverlangen wat er zit. Middels 2 krachtige meditaties kan ik voelen dat ik een stevige basis heb waarop ik kan vertrouwen. Helaas heb ik een sterke innerlijke criticus die dit gevoel op alle mogelijke manier probeert te ondermijnen.

Door vervolgens in stilte te gaan voelen hoe ik kan gaan leven vanuit mijn hart en met zelfliefde, voel de angst in alle hevigheid losbasten in mijn lichaam. Door oogcontact te zoeken met de trainster durf ik hulp te vragen om mij te ondersteunen in dit moeilijke proces. Als zij bij mij komt zitten, zeggen we niets en zie ik in haar ogen mijn eigen kwetsbare kracht. Door dit oogcontact durf ik langzaam te zakken in mijn hart, en voel ik het smeltwater in de vorm van tranen. Zonder oordeel van mijn innerlijke criticus. Waarschijnlijk houdt hij zich stil om op een later tijdstip onverwachts toe te slaan.

Nadat we onze gevoelens van dit stiltemoment weer op papier mogen zetten, valt het mij op dat mijn collage verandert. De angst is er nog steeds, maar krijgt daarnaast concurrentie van mijn innerlijke kracht en het besef dat ik hulp mag vragen om de liefdevolle compassie naar mijzelf te mogen voelen. Een mooie ontdekking.

Door meer en meer in de stilte te zakken, worden mijn gedachten helderder en om dit gevoel kracht bij te zetten krijgen we de uitnodiging om hier bij stil te staan en te kijken naar de toekomst. Inmiddels schijnt de zon en ik besluit om naar buiten te gaan om mijn toekomstperspectief te schetsen. Te midden in de drukke stad, met het verkeer wat aan alle kanten voorbij rijdt, hoor ik de vogels hun mooiste lied fluiten en voel ik de zon op mijn gezicht. Ik ga zitten en vanuit het niets komt het volgende gedicht op papier:

De angst van wolvenogen
beperken mijn zicht
waardoor ik door mijn overtuigingen
ben gezwicht

Hulp durven vragen
omdat ik blijf hangen
in de angst van de wolvenogen
is het grootste verlangen

De kracht van liefde
opent mijn hart
waarmee ik mijn levensdoel
ben gestart

Zijn met alles wat er is
met liefdevolle compassie
zonder hart te werken, niet als een bezige bij
kan ik uiteindelijk zeggen
Zie….mij!

21-10-2017

Ik besluit dit gedicht voor te dragen voor de groep, maar daarbij durf ik niemand aan te kijken. Ik durf geen oogcontact te maken. Durf ik geen hulp te vragen? Ik weet het niet.

De dag loopt langzaam op zijn einde, en mijn innerlijke criticus heeft er genoeg van om langs de zijlijn alles gade te slaan en besluit op een slinkse manier nog even van zich te laten horen. De woorden van de trainster komen minder binnen en langzaam verdwijn ik in de stilte. Ik voel hoe ik steeds meer opgeslokt wordt in mijn binnenwereld. De angst die ik van binnen voel werkt verlammend en kan geen weerstand meer bieden aan de innerlijke criticus. Mijn lichaam spreekt zijn eigen taal door de opgehoopte spanning een uitweg te bieden door een pseudo-epileptische aanval.

Nadat de spanning uit mijn lichaam verdwenen is, kom ik langzaam weer in het hier en nu. Hoe snel de innerlijke criticus er was om mij te laten verdwijnen, hoe snel is hij ook weer verdwenen na afloop. Normaal gesproken voel ik mij (ten onrechte) schuldig over het feit dat mijn lichaam niet doet wat ik wil en ben emotioneel. Nu niet. Blijkbaar komt langzaam het stukje acceptatie dat mijn lichaam reageert zoals het reageert. En alles is goed. Zonder oordeel. Zonder hart voor mijzelf te zijn.

Dat is zelfliefde!