Over ademen …en overlevingsstrategieën.

Als ademcoach begeleid ik regelmatig mensen door middel van ademsessies om ze vanuit hun hoofd in het lijf te krijgen. Ook assisteer ik regelmatig tijdens de 2-daagse workshops “de Kracht van Ademen” van Annette Weers, waar ik mij heerlijk in mijn comfort-zone kan baden. Want zorgen voor een ander is het liefste wat ik doe, en vind het bijzonder mooi om anderen te mogen ondersteunen in hun proces. Maar dat betekent dat ik ook aan mijn eigen proces(sen) moet blijven werken, om mijzelf in mijn ogen te kunnen kijken. Zonder oordeel, zonder masker. Om zodoende nog beter voor de ander te kunnen zijn!

Afgelopen weekend heb ik als deelnemer van deze ademworkshop zelf weer eens ervaren hoe destructief mijn ingesleten patronen en gedachten zijn, die ik in de jaren heb opgebouwd. Deze week is er iets voorgevallen wat een stuk ‘oud zeer’ bij mij raakte, waardoor ik mij afgewezen voel, gefrustreerd, boos en voel nog meer emoties, die ik eigenlijk ver weg gestopt had. Het voelt vreemd om de woorden die ik normaal gesproken tegen mijn cliënten zeg, binnen te laten komen en te laten resoneren in mij. Dat doet iets met mij, waardoor ik mij pijnlijk bewust wordt van het feit dat ik mij (te) vaak probeer aan te passen aan de maatstaven die de maatschappij hanteert. Ik loop zelf altijd te verkondigen dat ik mensen niet in een ‘hokje wil stoppen’, maar onbewust laat ik mijzelf wel in een hokje stoppen.

Als coach zijnde kan ik dit prima rationeel uitleggen aan anderen.

Dit aanpassen heb ik mij als kind aangeleerd om om te kunnen gaan met mijn grootste trauma’s, waardoor ik geweldige overlevingsmechanismen heb ontwikkeld. Als coach zijnde kan ik dit prima rationeel uitleggen aan anderen, en ook wel aan mijzelf. Maar het doorvoelen en er afscheid van nemen, is een ander verhaal. Hoe gemakkelijk het theoretisch ook klinkt. Hoe moeilijk is het om het daadwerkelijk te kunnen voelen. Het hele scala aan verdedigingsmechanismen heeft mij ‘beschermd’ om het maar niet te hoeven aangaan. Terwijl ik hier juist zo’n groot verlangen naar heb.

Tijdens de ademsessies kom ik erachter dat ik zelf eigenlijk helemaal niet goed in mijn bekken kan ademen, hoewel ik dat wel altijd dacht. Ik ben blij met de ondersteuning die ik krijg en wordt uitgenodigd om nog meer in mijn bekken te ademen. De controleur in mij probeert de stem te ontdekken van diegene die mij begeleid, maar kom er niet achter. Ik laat het los. De stem verdwijnt weer. Ik zie beelden van een klein meisje wat op de kant van een zwembad ligt, en hoor om heen een hoop geluiden en een ambulance. Ik adem niet en alles voelt stil en sereen. Totdat de stem weer zegt dat ik weer mag gaan ademen. Ik wil wel, maar het lukt niet. Ik raak in paniek. Mijn lichaam reageert door een diepe ademteug te nemen en door een ontlading in al mijn spieren. Hierna probeer ik het ademritme weer op te pakken, gestimuleerd door mijn begeleider. Achteraf zie ik hier de harde werker weer zijn plek innemen! Dit proces herhaalt zich een aantal keer totdat ik tot ver na de 3e fase behoorlijk wat tijd nodig heb om weer helemaal in mijn lichaam te zakken.

Een andere verdedigingsmechanismen is het afzetten naar alles en iedereen. Ik heb de negatieve overtuiging dat ik geen goede ademcoach ben, omdat ik zelf nog zoveel shit op te ruimen heb en voel mij gefrustreerd als ik hier door mijn eigen leermeesters op gewezen wordt. (Ik spreek liever van leermeesters dan therapeuten, maar daar in een volgend blog meer over!) Ik probeer de opstandigheid en frustratie er te laten zijn, wat eigenlijk nog meer weerstand oproept.

Door de afwijzingen in mijn leven, wijs ik mijzelf ook af.

‘s Avonds probeer ik deze opstandigheid te botvieren tijdens een spelletje “Kolonisten van Catan”, waarbij ik mijn medespelers behoorlijk kon dwarszitten (in plaats dat ik mijzelf dwarszat) waardoor er toch enige lucht en relativeringsvermogen in mijn hoofd komt. In de nacht kwam er het inzicht dat ik door de afwijzingen in mijn leven (hoe klein ook), ik hier eigenlijk niet goed boos om kon worden, want stel dat…..dus pas ik mij maar weer aan, en ik mijzelf eigenlijk keihard afwijs. Waardoor het cirkeltje weer rond is!

Helaas voor de assistenten en Annette is deze opstandigheid de volgende dag nog steeds niet verdwenen. Tijdens de deelronde houd ik lang mijn mond (aanpassing), en op het moment dat ze de dag wil doorspreken hoor ik mijzelf zeggen dat ik ook wat wil delen. Ik deel dat ik enorm in de weerstand zit en opstandig ben, en misschien reageer zoals ik eigenlijk helemaal niet wil. Eigenlijk biedt ik vooraf al mijn excuses aan voor mijn mogelijke gevolgen, en voor ik het weet ben ik weer voor de ander aan het zorgen! Ik vertel dat ik het liefst de ruimte uit wil lopen, omdat ik eigenlijk zo klaar mee ben. Ik hoor Annette de woorden zeggen die ik ook zo vaak gebruik: “ Hoe meer weerstand je voelt, hoe dichter je bij de kern bent”  En ergens weet ik dat ook wel, maar ik ben eigenlijk zo klaar mee!

Door het dansen kom ik gelukkig weer wat meer in mijn lijf en heb het gevoel dat ik mijn frustratie, wrok en woede eindelijk eens uiten. Af en toe wordt ik voorzichtig gedirigeerd naar een veiliger plek, omdat ik anders mijn mede-deelnemers deelgenoot maak van mijn expressieve dans.

De ademsessie die volgt is er één waarbij ik met zachte en stevige hand wordt uitgenodigd om mijn eigen krachtige kwetsbaarheid te kunnen ervaren en voel voor het eerst hoe het is om te ademen in mijn bekken. Een plek waar ik jarenlang gedissocieerd van ben geweest, terwijl ik zo’n groot verlangen heb om hier ook te kunnen zijn. De liefdevolle woorden die mij ingefluisterd worden zorgen ervoor dat ik nog meer kan zakken en mij over kan geven, zonder het moeten! Ik mag de harde werker wat verzachten. Wat een verademing!

Ik verberg mij in mijn zelfgemaakte tentje en wil het liefst onzichtbaar zijn.

Meteen daarna komt er ook weer een andere angst naar boven. De angst voor de zachtheid. De harde werker ken ik maar al te goed en die heeft mij ook jarenlang goed gediend.  De zachte kant maakt mij onzeker en angstig. Tijdens de lunch sluit ik mij af en verberg mij in mijn zelfgemaakte tentje in de zon. Ondanks dat ik eigenlijk onzichtbaar wil zijn, ziet mijn begeleidster van de laatste ademsessie mij wel en vraagt of ze in mijn tentje mag komen zitten. Ik vind het fijn dat ze zich herkend in mijn verhaal en deelt haar ervaringen met mij, waardoor ik mij minder eenzaam voel en langzaam uit mijn tentje durf te komen en mijn krachtige kwetsbaarheid durf te laten zien.

Een kwetsbaarheid waar ook zachtheid in verscholen ligt. Een aantal oefeningen om deze zachtheid te kunnen voelen volgen, waarbij mijn lichaam zich eindelijk echt eens een keer echt aan kan overgeven, zonder in een angstig deel te schieten met de lichamelijke spiertrekkingen die ik normaal ervaar bij dit soort oefeningen.

Aan het einde van het weekend heb ik stapje kunnen zetten naar deze zachtheid door mijzelf in mijn ogen te kunnen kijken. Zonder oordeel, zonder masker. Om zodoende nog beter voor mijzelf te kunnen zijn!